Fasciatherapie
Fasciatherapie is een milde vorm van fysiotherapie die zich specifiek richt op het bindweefsel (de fascia) in het lichaam.
Wat is Fasciatherapie?
Fascia is een netwerk van vliezen dat als een soort elastisch pak om al uw spieren, botten, gewrichten en organen zit. Het verbindt alles met elkaar en zorgt voor steun en soepelheid. Door stress, operaties, overbelasting of trauma kan dit weefsel stugger worden, verkleven of uitdrogen, wat leidt tot pijn en bewegingsbeperkingen. Fasciatherapie heft deze blokkades op om de natuurlijke balans te herstellen.
Wanneer kan Fascia therapie helpen?
Bij de volgende indicaties of klachten kan Fasciatherapie een onderdeel van uw behandeling zijn:
- Chronische pijn: Langdurige rug-, nek- en schouderklachten waarbij gewone fysiotherapie onvoldoende helpt.
- Littekenweefsel: Pijn of strakheid rondom littekens na een operatie (zoals bij ACNES, een keizersnede of buikoperatie).
- Onverklaarbare klachten: Fibromyalgie, chronische vermoeidheid of vage pijnklachten door stress.
- Bewegingsbeperking: Stijfheid na een blessure, trauma (zoals een whiplash) of langdurige overbelasting.
- Spanningsklachten: Spanningshoofdpijn of een constant gevoel van fysieke onrust.
Ook bij klachten waar de uitslag ‘niets gevonden’, “arts kan het niet vinden”, of “ik loop er al 15 jaar mee”, biedt fasciatherapie vaak een oplossing om de problemen effectief te behandelen. Fasciatherapie is geschikt voor alle leeftijden.
Wat doet de fysiotherapeut?
De therapeut begint met een intake. Er wordt niet alleen naar de pijnplek gekeken, maar naar uw hele lichaam en leefstijl. De therapeut voelt vervolgens aan de huid en diepere weefsellagen om te ontdekken waar de fascia strak, verkleefd of minder elastisch aanvoelt.
U ligt meestal op een behandeltafel. De therapeut gebruikt specifieke, vaak langzame en diepe handgrepen.De therapeut oefent lichte, aanhoudende druk uit op het bindweefsel. Dit voelt soms als een milde, branderige rek (alsof er een pleister heel traag wordt losgetrokken), maar het mag geen scherpe pijn doen.
Soms vraagt de therapeut u om tijdens de handgrepen heel langzaam mee te bewegen. Ook krijgt u vaak subtiele oefeningen mee naar huis. Het doel is dat u leert voelen waar de spanning in uw lichaam zit en hoe u deze zelf kunt loslaten. Door het trainen thuis wordt de kans op een recidief verkleind.